Een kelder waterdicht maken langs de buitenkant is de meest doorgedreven aanpak tegen een natte kelder: je pakt het water aan vóór het de muur bereikt. In plaats van de vochtplekken aan de binnenkant te bestrijden, graaf je de funderingsmuur vrij en dicht je hem van buitenaf af. Die aanpak werkt tegen de waterdruk in in plaats van ertegenin te vechten, en dat is precies waarom een keldermuur waterdicht maken aan de buitenzijde vaak duurzamer is dan een behandeling binnen. De keerzijde is het graafwerk: buitenafdichting is arbeidsintensief en duurder. Op deze pagina lees je hoe kelderafdichting aan de buitenzijde werkt, wanneer het de juiste keuze is, en waar de grenzen liggen.
Hoe werkt kelderafdichting aan de buitenzijde?
Het principe is eenvoudig, de uitvoering niet. De grond rond de kelder wordt uitgegraven tot onder het kelderniveau, zodat de funderingsmuur volledig vrij ligt. Daarna wordt de muur schoongemaakt en droog gelegd, en worden scheuren en beschadigingen eerst hersteld. Pas op een gezonde, propere ondergrond wordt de eigenlijke afdichting opgebouwd.
- Muur voorbereiden: loszittende cementlagen verwijderen, oneffenheden en lekken dichten met waterdichte mortel, de muur vetvrij en stofvrij maken.
- Afdichtingslaag aanbrengen: een bitumen of bitumineuze coating (of een dichtingsmembraan) die scheuroverbruggend en naadloos afdicht. Bitumen is flexibel en houdt de druk van grondwater tegen de buitenmuur tegen.
- Drainagemembraan / noppenfolie: een noppenfolie of drainagemembraan tegen de muur beschermt de coating tijdens het terugstorten en leidt water naar beneden af, weg van de muur.
- Drainage onderaan: een drainagebuis aan de voet vangt het water op en voert het af, zodat de druk tegen de muur afneemt.
- Aanvullen: terug opvullen met drainagezand of grind, zodat water makkelijk wegzakt en niet tegen de kelder blijft staan.
Een uitgebreide vergelijking van alle methodes vind je op kelder waterdicht maken. De aparte rol van de drainage komt aan bod bij kelderdrainage en het randdrainagesysteem.

